Aanbesteding-door-overheden


Algemeen

Aanbestedingen door overheden worden geregeerd door Europese aanbestedingsregelgeving en door de Nederlandse Aanbestedingswet.
De Europese Aanbestedingsregelgeving is van toepassing bij werken en projecten met een waarde boven een bepaalde norm die periodiek wordt vastgesteld.
Maar de Europese Aanbestedingsrichtlijnen kennen ook een aantal uitzonderingen.

De Nederlandse Aanbestedingswet, die in 2013 van kracht is geworden, is van toepassing op alle overheidsopdrachten (behoudens een aantal uitzonderingen), dus ook overheidsopdrachten met een waarde die ligt beneden de Europese drempelwaarden.

Eén van de speerpunten van de Aanbestedingswet was dat het voor kleinere bedrijven makkelijker moest worden om kans te maken op overheidsopdrachten.
Het is daarom jammer dat de Aanbestedingswet voor juristen al lastig leesbaar is, maar voor niet-juristen zo goed als onleesbaar is.
Er is veel informatie op internet te vinden, maar deze informatie is zo omvangrijk, dat ook daardoor het voor kleinere ondernemers zeer lastig zal worden om zich te oriënteren op de rechtspositie.
Om deze reden volgt hierna een globale uiteenzetting.

Soorten aanbestedingen

De overheidsinstantie bepaalt wat voor soort aanbestedingsprocedure wordt gevoerd.
De wet maakt onderscheid tussen een openbare procedure en een niet openbare procedure.

Bij een openbare procedure heeft iedereen die aan de eisen voldoet, de mogelijkheid om in te schrijven op de opdracht.
Dit is dus een openbare aanbesteding in de echte zin van het woord.

Bij een niet openbare procedure wordt door de overheidsinstantie eerst een voorselectie gemaakt uit een aantal ondernemers.
Deze geselecteerde ondernemers wordt vervolgens gevraagd om een offerte te doen.
Maar het is niet zo dat alleen de door de overheid geselecteerde ondernemers mogen meedingen.
Alle ondernemers mogen een verzoek doen om deel uit te maken van de voorselectie.
Wanneer u er als onderneming achter komt dat een overheidsdienst voornemens is om een bepaalde opdracht te gaan verstrekken, is het dus van belang dat u zelf die overheidsdienst aanschrijft en zegt dat u mee wilt doen indien er sprake is van een niet openbare procedure.
Want u moet bedenken dat een zeer groot deel van alle overheidsopdrachten en met name de iets kleinere opdrachten, niet openbaar worden aanbesteed, maar worden aanbesteed in een niet-openbare procedure met voorselectie.

Naast de voornoemde procedure is er nog een aantal andere procedures die dermate specifiek zijn dat het te ver gaat om die hier te bespreken.

De procedure

Nadat van verschillende partijen inschrijvingen zijn ontvangen, moet de overheidsinstantie de opdracht gaan gunnen.
Dit is de fase waarbij het erop aankomt, waarbij de overheidsinstantie vaststelt aan wie de opdracht wordt gegund.
Deze beslissing kan en mag alleen worden genomen op basis van door de overheidsinstantie in de aanbestedingsstukken gestelde normen.
Bovendien mag slechts worden gegund op grond van twee criteria, namelijk de laagste prijs of de economische meest voordelige inschrijving.
De economische meest voordelige inschrijving betekent dat de overheidsinstantie de inschrijving toetst aan een aantal criteria die tevoren in de aankondiging bekend zijn gemaakt, waarbij ook is aangegeven hoe zwaar de verschillende criteria meewegen.
In de praktijk worden bijna altijd diverse criteria bekend gemaakt, waarvan de prijs doorgaans het zwaarste gewicht heeft.

De gunningscriteria en de waardering van de criteria geven aanleiding voor de meeste procedures.
Waarbij in een aanzienlijk aantal gevallen de Rechter bepaalt dat een bepaalde opdracht niet mag worden gegund, wel moet worden gegund, dan wel dat de procedure opnieuw moet worden gevoerd of dat een geheel andere procedure moet worden gevoerd.
Redenen hiervoor zijn dat er ofwel procedurele fouten zijn gemaakt, ofwel dat de aanbesteding in strijd is met beginselen van het aanbestedingsrecht.

De beginselen van het Aanbestedingsrecht zijn het non-discriminatiebeginsel, het gelijkheidsbeginsel en het transparantiebeginsel.
Het transparantiebeginsel betekent onder meer dat de overheidsinstantie proportionele eisen en voorwaarden moet stellen.
En dat brengt ons weer op één van de pijlers van de Aanbestedingswet, namelijk dat ook kleinere ondernemingen in staat moeten zijn om overheidsopdrachten te verkrijgen.
Dat is een nobel streven, maar dat heeft ertoe geleid dat de Aanbestedingswet het voor overheidsinstanties niet bepaald eenvoudiger op heeft gemaakt.
En dat geeft partijen die de opdracht niet gegund hebben gekregen, weer meer mogelijkheden om tegen de gunningsbeslissing op te komen.

Maar niet alleen na de gunningsbeslissing wordt geprocedeerd, ook daarvoor is het mogelijk dat een partij de Rechter vraagt zich uit te laten over de wijze waarop de aanbestedingsprocedure door de overheidsinstantie wordt ingericht.
Want het komt regelmatig voor dat de overheidsinstantie een verkeerde procedure hanteert, danwel deelopdrachten ten onrechte splitst of juist combineert.

Zoals hiervoor al is aangegeven, is de Aanbestedingswet zelf voor de gemiddelde lezer zo goed als onleesbaar.
Veel duidelijker is de zogenaamde Gids Proportionaliteit die u eenvoudig kunt vinden op de website www.rijksoverheid.nl.
Deze gids hoort bij de Aanbestedingswet en is bedoeld om een leidraad te geven bij de invulling van het proportionaliteitsbeginsel.

<< Terug

Volgende >>