Geld en bezittingen



6.1 Algemeen
6.2 Vermogen
6.3 Inkomen
a. Partneralimentatie
b. Kinderalimentatie
6.4 Geen voldoende inkomen?
6.5 Huwelijkse Voorwaarden
6.6 Woning
a. Huurwoning
b. Koopwoning
c. Hoe vind ik een andere woning?
6.7 Inboedel
6.8 De onderneming
6.9 Pensioen

6.1    Financiën algemeen

Een echtscheiding heeft veel financiële gevolgen.
De financiële gevolgen kunnen op twee niveaus in kaart worden gebracht:

– Inkomen: Partneralimentatie (inkomen nu) en pensioenverevening (inkomen straks)
– Vermogen: Gemeenschappelijk vermogen en eventueel privévermogen.

Er moet een balans worden opgemaakt van de bezittingen en schulden.

In dit verband komen zaken als alimentatie, verdeling inboedel, eventuele levensverzekeringen, pensioenverzekeringen, lijfrenten, koopsompolissen, effecten, (buitenlandse) bankrekeningen e.d. aan de orde.
Daarnaast neemt bij de verdeling de echtelijke woning vaak een centrale plaats is.

Indien er alleen maar schulden zijn dan moet er worden nagegaan of er aflossingsregelingen zijn en wie die betaalt.
Een verwijzing naar maatschappelijk werk is eventueel aan de orde indien blijkt dat er geen alimentatieruimte is en er alleen maar aanzienlijke maar schulden zijn.
Het maatschappelijk werk kan ook eventueel behulpzaam zijn bij het aanvragen van een uitkering.
Daarnaast kan de Wet Schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) vaak uitkomst bieden voor het geval er sprake is van een problematische financiële situatie.

Indien u in gemeenschap van goederen bent getrouwd betekent dit in principe dat alle vermogensbestanddelen (dus inclusief eventuele schulden) bij helften moeten worden verdeeld.
Als u getrouwd bent op huwelijkse voorwaarden heeft u voor of tijdens het huwelijk afgesproken wat van wie is.
De ander kan hier bij een scheiding geen aanspraak op maken.
Er zijn verschillende vormen van huwelijkse voorwaarden en afhankelijk daarvan kunnen wij u adviseren op welke manier uw vermogen verdeeld zou moeten worden.

Daarbij geldt als uitgangspunt dat iedere overeengekomen verdeling aan de hand van 3 criteria zal moeten worden getoetst:

– Praktisch werkbaar;
– Juridisch juist; en
– Fiscaal optimaal.

In het hiernavolgende zullen we kort ingaan op enkele afzonderlijke onderwerpen.
We merken hierbij op dat we slechts enkele hoofdlijnen kunnen bespreken.
Iedere echtscheiding is maatwerk.
Van belang is dat deskundig advies in uw specifieke situatie dient te worden ingewonnen.

6.2    Vermogen

Zijn er grotere geldbedragen, effecten of kostbare bezittingen, dan dient het geheel hiervan in kaart te worden gebracht.
Probeer voor u feitelijk uit elkaar gaat om zoveel mogelijk bewijsmateriaal bij elkaar te krijgen of te kopiëren.

Afhankelijk van het bestaan en/of inhoud van de huwelijksvoorwaarden dienen deze bestanddelen vervolgens aan één van de partners worden toegedeeld tegen nader te bepalen verrekeningsvorderingen.
Indien er vermoedens zijn dat één van de partijen informatie hier over achterhoudt danwel vermogen eenzijdig onttrekt dan kan het verstandig zijn om gerechtelijke maatregelen te treffen (bv. beslag leggen).
Dat is niet zonder nadeel, want het komt de verhoudingen doorgaans niet ten goede.
Maar u zult niet de eerste zijn die na enkele maanden of zelfs jaren procederen er achter moet komen dat de bankrekeningen leeg zijn.

De wet kent overigens één ultieme sanctie voor degene die vermogen verzwijgt: Als het later uitkomt, wordt het betreffende vermogensbestanddeel niet verdeeld, maar volledig toebedeeld aan de andere partij!

6.3    Inkomen

De wet onderscheidt twee verschillende soorten alimentaties:

a. Partneralimentatie

Partneralimentatie is een bijdrage voor de kosten van levensonderhoud van de ene ex-partner aan de ander na echtscheiding, als die ander zelf niet voldoende inkomen heeft en dat ook niet zelf kan verwerven.
De hoogte van de partneralimentatie wordt bepaald door twee factoren: De behoefte van de minst verdienende partner en de draagkracht van de andere partner.

Voor het vaststellen van de “behoefte” en de “draagkracht” zijn normen ontwikkeld aan de hand waarvan de alimentatie kan worden berekend (de zogenaamde Trema-normen).
De uitkomst van een dergelijke berekening kan verschillende resultaten opleveren, afhankelijk van de manier waarop de gegevens worden geïnterpreteerd.
Ook de rechter heeft de vrijheid om deze open normen al naar gelang uw specifieke situatie naar redelijkheid en billijkheid verder in te vullen.
De alimentatienormen zijn hetzelfde voor gehuwden die gaan scheiden als voor partners met een geregistreerd partnerschap die uit elkaar gaan.

De achterliggende gedachte bij partneralimentatie is om een ondersteuning te leveren in het levensonderhoud.
Van belang is dat partneralimentatie niet mag en kan worden gezien als een volwaardig inkomen of als plaatsvervanger voor salaris bij een baan.

Tal van wijzigingen in omstandigheden kunnen reden zijn op grond waarvan het bedrag aan partneralimentatie voor wijziging vatbaar is.
Deze omstandigheden kunnen zijn gelegen aan de kant van de behoefte (bijvoorbeeld de alimentatiegerechtigde heeft eigen inkomen/salarisverhoging) danwel aan de kant van de draagkracht (bijvoorbeeld de alimentatieplichtige heeft een zorgplicht voor een nieuwe partner).

De alimentatie waar u recht op heeft, of die u kunt betalen, wordt door ons berekend met behulp van hetzelfde computerprogramma dat door de rechtbank wordt gebruikt.
Dat is geen garantie voor een gelijke uitkomst, omdat de berekening zeer veel variabelen kent, die soms al naar gelang de omstandigheden van het geval anders dienen te worden ingevuld.

Toch zijn er aangaande alimentatie een aantal opmerkingen te maken:

– De alimentatiegerechtigde moet over ontvangen partneralimentatie belasting afdragen.
Betaalde alimentatie is evenwel aftrekbaar van belasting.
De ontvanger moet het opgeven aan de belastingdienst.
Wanneer u geen voorlopige aanslag dienaangaande vraagt, wordt ook heffingsrente verschuldigd.
Dit kan snel oplopen.
– De alimentatie wordt jaarlijks geïndexeerd.
Het indexeringspercentage staat in december in de kranten, en wordt ook op onze website kenbaar gemaakt.
– Wordt alimentatie die door de rechter is vastgesteld niet betaald, dan kunt u:
a. Zelf een deurwaarder inschakelen.
b. Ons inschakelen.
c. Het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen inschakelen.
Voor meer informatie hierover, zie de website www.lbio.nl.
– Moet u aanspraak maken op alimentatie, of een uitkering, solliciteer dan regelmatig.
Dat u niet zelf in uw levensonderhoud kan voorzien zal een rechter u niet verwijten.
Maar mogelijk wel dat u niet probeert zelf in uw levensonderhoud te voorzien.
Vanzelfsprekend geldt dit niet indien u arbeidsongeschikt bent of vanwege andere redenen niet kunt werken.
– Het recht op partneralimentatie is, op enkele uitzonderingen na, eindig.
In beginsel eindigt het bij een huwelijk van maximaal 5 jaar en wanneer er geen kinderen zijn, na een periode gelijk aan de duur van het huwelijk.
Als het huwelijk langer dan 5 jaar heeft geduurd en er zijn geen kinderen dan eindigt de alimentatie na 12 jaar.
Zijn er kinderen, dan eindigt de alimentatie doorgaans ook na 12 jaar.
Er zijn uitzonderingen.
Win enkele jaren voor het aflopen van de termijn in elk geval nader advies bij ons in.

De regelgeving rondom berekening, duur, en wijziging van partneralimentatie is ingewikkeld; het is altijd aan te bevelen om advies in te winnen bij één van onze specialisten.

b. Kinderalimentatie.

Kinderalimentatie vloeit voort uit de verplichting van ouders om te voorzien in de kosten van verzorging en opvoeding van hun kinderen tot en met hun 20e jaar (dus tot aan hun 21e), en in sommige situaties nog enige tijd daarna.
Die verplichting loopt door na echtscheiding.
De ouders moeten die kosten samen voor hun rekening nemen, naar verhouding van hun draagkracht.

De behoefte aan kinderalimentatie wordt vastgesteld op basis van de gegevens tijdens het huwelijk.
Bij een wijziging van omstandigheden na de vaststelling van de kinderalimentatie is het altijd mogelijk om wijziging van de kinderalimentatie te verzoeken aan de rechtbank.
Bij het vaststellen van de kinderalimentatie wordt ook gewerkt met de begrippen behoefte en draagkracht.
Meestal wordt aan de hand van speciale tabellen bepaald wat de behoefte (lees: kosten) van de kinderen is.

Nadat de behoefte is vastgesteld wordt beoordeeld hoeveel iedere ouder zou moeten bijdragen in die behoefte.
Dit kan aan de hand van hun draagkracht worden vastgesteld.
De draagkracht is het inkomen dat je overhoudt na aftrek van de vaste lasten.

Tot slot wordt aan de hand van een draagkrachtberekening bekeken of de betreffende ouder wel in staat is om een bijdrage te leveren in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen en zo ja, welke bijdrage hij of zij maximaal kan leveren.
Aan de hand van alle gegevens wordt vervolgens de kinderalimentatie vastgesteld.

De berekeningen van de kinderalimentatie is vaak niet eenvoudig.
Ook hier geldt dus: raadpleeg een deskundige!

Zo moet er bijvoorbeeld rekening worden gehouden met de woonsituatie van de kinderen en met het aandeel dat ieder van de ouders heeft in de verzorging van de kinderen, en dus in de kosten.
Bij een regeling van co-ouderschap (waarbij de kinderen de ene helft van de tijd bij de ene ouder verblijven en de andere helft van de tijd bij de andere ouder) wordt de kinderalimentatie immers heel anders berekend dan bij een zorgregeling waarbij de kinderen het grootste deel van de tijd bij één ouder wonen, die daardoor de meeste kosten maakt.

Het is van belang te weten dat kinderalimentatie vóór partneralimentatie gaat. Pas als de onderhoudsplichtige ouder maandelijks na berekening van de kinderalimentatie nog financiële ruimte heeft kan deze ruimte worden gebruikt voor het berekenen van eventuele partneralimentatie.

6.4    Geen voldoende inkomen?

Is er geen mogelijkheid om alimentatie te vragen, of is de alimentatie onvoldoende, dan bent u mogelijk aangewezen op een bijstandsuitkering, die wordt verstrekt door de gemeentelijke Sociale Dienst.
Doe een dergelijke aanvraag zo snel mogelijk, want bijstand wordt in beginsel niet met terugwerkende kracht verstrekt.

6.5    Huwelijkse voorwaarden

Als u onder huwelijkse voorwaarden bent getrouwd, is dan alles wat op uw naam staat van u?
Heeft de ander nergens recht op?
Dat is maar zeer de vraag.
Veel huwelijkse voorwaarden kennen een zogenaamd verrekeningsbeding, wat er -zeer globaal gezegd- op neerkomt dat alles wat is gekocht uit inkomsten tijdens het huwelijk verworven, dient te worden verdeeld.
En sommige huwelijkse voorwaarden gaan nog verder….
Ook daarom is een gespecialiseerde advocaat die precies op de hoogte is van de jurisprudentie op dit gebied, van groot belang.

6.6    Woning

a. Huurwoning

De rechter kan worden gevraagd om te bepalen wie het huurrecht van de woning krijgt.
Kunt u de woning betalen, dan is het aantrekkelijk daar ook te blijven, al was het maar om kosten van verhuizing en herinrichting te besparen.
En besef dat u, als u vertrekt, geen aanspraak kunt maken op allerhande verbeteringen aan de huurwoning.

Wanneer u niet in de huurwoning achterblijft, en de huurovereenkomst staat wel op uw naam, vergeet dan niet de verhuurder na de echtscheiding te informeren.
U blijft anders aansprakelijk voor eventuele huurachterstanden, ook als die in de toekomst ontstaan!

b. Koopwoning

Als u samen eigenaar bent van een woning zijn er drie mogelijkheden:

1. De woning wordt verkocht en de opbrengst wordt gedeeld (na aflossing van de bestaande hypotheek);
2. Eén van u beiden neemt de woning over, één en ander onder verrekening van de waarde;
3. U houdt de woning nog een tijdje samen aan.

Ad 1 Verkopen

In het meeste gunstige geval heeft de woning nog een overwaarde; deze overwaarde kan dan worden verdeeld.
Als de verwachte opbrengst echter lager is dan uw hypotheekschuld zal er overleg moeten zijn met de hypotheekbank over de vraag hoe de restschuld moet gaan worden afgelost.
Het kan ook zijn dat de bank het niet eens is met het bedrag waarvoor de woning verkocht zou kunnen worden.

Ad 2 Overnemen

Het kan zijn dat één van de partners na de scheiding de woning wil overnemen.
Die koopt dus eigenlijk de helft van het huis van de ander.
Als de financiële middelen daarvoor beschikbaar zijn, kan dat zonder al te grote problemen.
Bij een gezamenlijk huis is de hypotheekschuld gewoonlijk ook een gezamenlijke schuld.
Die zal dan ook toebedeeld worden aan degene die het huis overneemt.

Eventuele uitkoop van de andere partner geschiedt doorgaans tegen marktwaarde onverhuurd, vrij van gebruik.
Dus voor de zelfde prijs als de woning zou opbrengen als die aan een ander zou worden verkocht.

Het verdient aanbeveling om zo snel mogelijk duidelijkheid te krijgen of één van de partijen de woning behoudt en onder welke condities.
Kan de woning niet worden behouden, dan moet die zo snel mogelijk worden verkocht.
Wachten met verkoop totdat de gehele echtscheidingsprocedure is afgerond kan snel langere tijd duren, en de ervaring leert dat linksom of rechtsom onnodige lasten of uitgestelde verkoop vaak ook in uw nadeel is.
De kosten lopen immers door en worden of door u betaald, of gaan ten koste van uw alimentatie.
Bovendien speelt in een neergaande markt het risico dat de woning snel minder waard wordt.

Ad 3 Gezamenlijk behouden

Het kan zijn dat er wordt besloten om na de scheiding het huis (nog) niet te verkopen en ook nog niet onderling te verdelen.
Een reden kan zijn dat verkoop eenvoudig weg niet lukt, althans niet tegen een acceptabele prijs.
Ook kan bijvoorbeeld zijn besloten dat (voor een bepaalde periode) één van beiden in het huis blijft wonen (bijvoorbeeld met de kinderen) terwijl hij of zij (vooralsnog) niet voldoende vermogen heeft om de woning over te nemen.
In deze situatie blijft u enige tijd samen eigenaar van het huis.
Er zullen dan afspraken gemaakt moeten worden wie de hypotheek blijft betalen en wat hiervan de fiscale consequenties zijn.
Ook zal gesproken moeten worden over hoe het zal gaan met het onderhoud (en wie de kosten daarvan draagt), de gemeentelijke belastingen, de opstalverzekering etc.

c. Hoe vind ik een andere woning?

Moet u verhuizen, dan dient u voor het verkrijgen van een andere woning zich in te schrijven als woningzoekende bij een woningbouwvereniging.
U dient daarbij in het achterhoofd te houden dat het in het algemeen makkelijker is om een woning te krijgen in een minder populaire buurt of wijk.

Urgentieverklaring

Van urgentie is in zeer beperkte gevallen sprake, namelijk als de woonsituatie een ernstige bedreiging vormt voor uw lichamelijke en/of sociaal – psychische gezondheid en waarbij de situatie niet langer dan 3 maanden kan en mag voortduren.
In geval u een urgentieverklaring aanvraagt, is het verstandig om dat in overleg met ons te doen.
Een aanvraag heeft namelijk doorgaans alleen zin als deze goed is onderbouwd.
Bijvoorbeeld met een verklaring van de huisarts, GGD en/of Hulpverleningsdienst, aangezien deze instanties adviseren over het al dan niet verstrekken van een urgentieverklaring.
Soms kunnen ook wij helpen door een gerechtelijke uitspraak te ontlokken dat u de echtelijke woning moet verlaten.

Nadeel van het gebruiken van een urgentieverklaring is dat u weinig keuze heeft bij de woning die wordt aangeboden.
Weigert u, dan zal de urgentieverklaring kunnen vervallen.

6.7    Inboedel

De verdeling begint met het maken van een lijst.
Ieder schrijft op wat er is en wie aanspraak kan maken op de spullen.
Vergelijk de lijsten en spreek af wie wat meeneemt.

Probeer dit altijd in onderling overleg te regelen.
Komt u er namelijk niet uit dan zal een taxateur de waarde moeten bepalen en zal uiteindelijk de rechter de knoop doorhakken en de verdeling vast stellen.
Dat brengt veel extra – vaak onnodige – kosten met zich mee.
Alleen als het gaat om spullen met een aanzienlijke waarde, bijv. dure kunst en antiek, kan het inschakelen van een taxateur en een rechter soms wel de juiste weg zijn.

Advies is om geen aanspraak te maken op zaken die voor andere emotionele waarde hebben en voor u niet.
De verhoudingen worden hierdoor onnodig op scherp gesteld.

6.8    De onderneming
Indien tot het huwelijkse vermogen een onderneming behoort is de centrale vraag op welke manier een onderneming dient te worden gewaardeerd.
Deze waarde moet worden vastgesteld op een wettelijke of overeen te komen peildatum.
In geval van een waardebepaling van een onderneming schakelen wij uitsluitend de diensten in van gerenommeerde register-valuators (gespecialiseerde taxateurs).
Deze specialisten kosten geld maar het blijkt dat zij zich doorgaans dubbel en dwars terugverdienen.

Bij huwelijkse voorwaarden hangt het helemaal van de bepalingen van de akte huwelijksvoorwaarden af in hoeverre de waarde van de onderneming verrekend moet worden.
Als er verrekend blijkt te moeten worden is het vaak een groot probleem dat het praktisch bijna onmogelijk is om een deel (veelal de helft) van de waarde van het bedrijf aan de ex-partner te moeten uitbetalen.
Er zal dan moeten worden gezocht naar een werkbare oplossing.

6.9    Pensioen

In 1995 is de Wet Pensioenverevening in werking getreden.
Hierdoor moet bij een scheiding ook het pensioen verevend worden, tenzij dit bij de huwelijkse voorwaarden is uitgesloten.
Pensioen is nog regelmatig een ondergeschoven kindje bij scheidingen.
Toch is het een belangrijk vermogensbestanddeel, dat vooral met de lange termijn te maken heeft.

De verdeling van pensioenrechten zelf is sinds de invoering van de Wet Pensioenverevening bij Echtscheiding zelden meer een probleem.
Degene die aanspraak maakt op verevening (verdeling) informeert middels een speciaal formulier het pensioenfonds na de echtscheiding over de echtscheiding.
Het pensioenfonds draagt er vervolgens zorg voor dat wanneer het pensioen tot uitkering komt, doorgaans wanneer de pensioengerechtigde leeftijd wordt bereikt, het tijdens het huwelijk opgebouwde aandeel van de ander rechtstreeks wordt uitbetaald.

Wat wel een probleem is, is om te achterhalen bij welke werkgevers of pensioenfondsen pensioenrechten zijn opgebouwd.
Met name als de kostwinner van baan is gewisseld, kan dat lastig zijn.
Maar omdat voor pensioenverevening het noodzakelijk is dat degene die aanspraak maakt op verdeling zich middels een standaardformulier meldt bij het pensioenfonds, is het wel noodzakelijk om de gegevens van dat pensioenfonds te hebben.

Probeer dus vóór het verbreken van de samenleving zoveel mogelijk informatie te verzamelen over vorige werkgevers en pensioenrechten.

Slechts meldingen die worden ontvangen binnen 2 jaar na de inschrijving van de echtscheiding, leiden tot een rechtstreekse aanspraak op het pensioenfonds!
Indien dit later wordt gemeld bent u voor de betaling van het pensioen afhankelijk van uw ex-partner als die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt.

Het standaardformulier melding pensioenverevening dat aan het pensioenfonds moet worden gezonden vind u op de website www.rijksoverheid.nl.

De Wet Pensioenvoorziening is overigens alleen van toepassing op het ouderdomspensioen.
Bij de verdeling dient ook rekening te worden gehouden met het zogenaamde bijzondere partnerpensioen.
Het bijzonder partnerpensioen is het recht op pensioen dat na het overlijden van de ene-partner toekomt aan de andere partner.
Of er sprake is van een bijzonder partnerpensioen hangt af van de pensioenovereenkomst.
Volgens de wet komt het bijzondere partnerpensioen toe aan de ex-partner; bij convenant kan hier echter vanaf worden geweken.

<< Terug

Volgende >>