HomeRechtsgebiedStatutair directeur
arbeidsrecht

Statutair directeur


Statutair directeur, benoeming en ontslag

Van een statutair directeur is sprake als iemand door het bevoegde orgaan (veelal de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, soms de Raad van Commissarissen) is benoemd tot bestuurder van de rechtspersoon.
Een benoemingsbesluit is beslissend voor de vraag of er sprake is van een statutair directeur of niet.
Het benoemingsbesluit hoeft niet schriftelijk te zijn genomen, tenzij statutair anders is bepaald of indien het besluit is genomen buiten de Algemene Vergadering van Aandeelhouders met instemming van alle aandeelhouders.
In dat geval dient het besluit wel schriftelijk te worden vastgelegd.
Het is aan de werkgever om te bewijzen dat er een benoemingsbesluit is om te kunnen aantonen dat iemand statutair directeur is.

Bovendien moet het benoemingsbesluit uitdrukkelijk of stilzwijgend door de bestuurder zijn aanvaard.
Dat is anders ten aanzien van het neerleggen van de functie als bestuurder, daarvoor is geen aanvaarding door de rechtspersoon vereist.
Als een bestuurder zijn functie neerlegt, dan is er vanaf dat moment geen bestuurder meer.

Bij de statutair directeur is er sprake van een dubbele rechtsbetrekking, namelijk de rechtsbetrekking als werknemer en de rechtsbetrekking als bestuurder van de rechtspersoon.
Volgens de Hoge Raad brengt deze gemengde rechtsbetrekking met zich mee dat bij ontslag van een bestuurder ook de arbeidsrechtelijke band wordt verbroken, tenzij partijen anders zijn overeengekomen.
Anders gezegd, als een statutair directeur door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders of door de Raad van Commissarissen wordt ontslagen, dan eindigt ook zijn arbeidsovereenkomst.
De opzegtermijn dient wel in acht te worden genomen, maar een ontslagvergunning is niet nodig.

Ten aanzien van het ontslagbesluit van een statutair directeur gelden wel enkele bijzondere vereisten:

  1. De statutair bestuurder moet in de gelegenheid worden gesteld om te worden gehoord en om advies over het voorgenomen besluit uit te brengen, omdat dit wettelijk is bepaald.
    Dit geldt niet alleen bij ontslag, maar ook bij schorsing van een statutair bestuurder.
  2. Wanneer de statutair directeur hiertoe wordt uitgenodigd voor een Algemene Vergadering van Aandeelhouders, dan dient de oproeping de te behandelen onderwerpen in te houden.
  3. Indien de statutair bestuurder zich ziek meldt na een dergelijke uitnodiging voor een Algemene Vergadering van Aandeelhouders, dan kan de bestuurder geen beroep doen op een opzegverbod wegens ziekte.
    Maar als de statutair directeur daarvoor al ziek is, dan is een opzegverbod wel degelijk van toepassing.

 

Beloning van de statutair directeur

De beloning van de bestuurder wordt meestal vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, tenzij in de statuten anders is bepaald.
De wet schrijft voor dat alle naamloze vennootschappen een beleid dienen te hebben op het gebied van bezoldiging van het bestuur.
Dit beleid wordt vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, maar de Ondernemingsraad dient in de gelegenheid te worden gesteld daarover een standpunt te bepalen.

Ten aanzien van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen geldt dat de Nederlandse Corporate Governance Code bepaalt dat de Raad van Commissarissen de beloning van de bestuurder vaststelt binnen een door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders vastgesteld bezoldigingsbeleid.
Het variabele deel van de beloning moet volgens deze code gekoppeld zijn aan vooraf bepaalde, beoordeelbare en beïnvloedbare doelen die in overwegende mate een lange termijn karakter hebben.
De Ondernemingsraad moet jaarlijks worden geïnformeerd over aspecten van de beloning.

Ten aanzien van bestuurders in de (semi) publieke sector geldt per 1 januari 2013 de Wet Normering Topinkomens (WNT).
Deze wet houdt een limitering in van de beloning van bestuurders in de (semi) publieke sector.
De ontslagvergoeding is gelimiteerd tot € 75.000,– bruto, waarbij een overgangsregeling geldt voor afspraken die zijn gemaakt voor 6 december 2011.
Een hogere ontslagvergoeding kan alleen door de rechter worden vastgesteld.

De WNT geldt overigens niet alleen voor bestuurders, maar voor het hele topmanagement van de organisatie.

Per 1 januari 2014 geldt de wet Claw Back bonussen, op grond waarvan niet alleen ten onrechte toegekende bonussen van bestuurders kunnen worden teruggevorderd, maar ook op grond van onjuiste informatie toegekende ontslagvergoedingen.

 

Vertrekregeling statutair bestuurders

Uitgangspunt is dat een contractueel overeengekomen afvloeiingsregeling moet worden nagekomen.
Maar het kan naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn dat een voormalig bestuurder een beroep doet op een dergelijk contractueel overeengekomen vertrekregeling.

Als er geen vertrekregeling is overeengekomen, heeft een statutair directeur onder omstandigheden de mogelijkheid om een vergoeding te vorderen wegens kennelijk onredelijke opzegging (artikel 7:681 BW).
De kans van slagen hangt volledig af van alle omstandigheden van het geval.

De transitievergoeding (vanaf 1 juli 2015) geldt ook voor de statutair directeur die werknemer is.

Ten aanzien van beursgenoteerde vennootschappen bepaalt de Nederlandse Corporate Governance Code dat de ontslagvergoeding maximaal één jaarsalaris mag zijn, met als uitzondering dat het maximaal twee jaarsalarissen mag zijn in geval dit niet redelijk is voor bestuurders in hun eerste benoemingstermijn.