Omgang


Wordt uw relatie verbroken of gaat u scheiden en heeft u samen kinderen? Dan dienen er goede afspraken gemaakt te worden over de zorg- en opvoedingstaken van de kinderen. U blijft immers beiden verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van hen.

Zo dient bijvoorbeeld te worden afgesproken bij welke ouder de kinderen het hoofdverblijf hebben en op welke momenten zij de andere ouder zien. Een co-ouderschap behoort eveneens tot de mogelijkheden. De zorg- en opvoedingstaken van de kinderen worden in dat geval bij helfte tussen ouders gedeeld.

Indien ouders gezamenlijk belast zijn met het gezag over de kinderen, wordt gesproken over een zorgregeling. Als slechts een van de ouders is belast met het gezag over de kinderen, wordt gesproken over een omgangsregeling. Wij zullen hierna de term zorgregeling hanteren.

Het is het meest in het belang van de kinderen om in onderling overleg een zorgregeling overeen te komen. Het is gebruikelijk om deze afspraken vervolgens vast te leggen in een ouderschapsplan. Afspraken die in een ouderschapsplan kunnen worden uitgewerkt zijn bijvoorbeeld de verdeling van de zorgtaken, de verdeling van de vakanties en feestdagen, verdeling van de verjaardagen, verdeling van de kinderbijslag, welke ouder verzekert het kind en de hoogte van kinderalimentatie.

Lukt het niet om in onderling overleg tot afspraken te komen, dan is het mogelijk om een mediator in te schakelen. Indien het ook niet lukt om met behulp van mediation tot een oplossing te komen, dan kan met behulp van een advocaat aan de rechtbank verzocht worden een beslissing te nemen. Het is tevens mogelijk om direct een advocaat in te schakelen indien de zaak zich niet voor mediation leent. Met behulp van een advocaat zal dan een verzoek tot vaststelling van een zorgregeling ingediend worden bij de rechtbank. De rechter zal een zorgregeling vaststellen die het meest in het belang van het kind wordt geacht.

De kinderen zelf hebben vanaf de leeftijd van 12 jaar ook een stem. De rechter zal de kinderen de mogelijkheid geven om hun mening naar voren te brengen. De stem van de kinderen is echter niet doorslaggevend maar zal door de rechter wel meegewogen worden in zijn of haar oordeel.

Wie?

Maar wie hebben er nou recht op een zorgregeling en wie kunnen deze regeling afdwingen via de rechter?

Elk kind heeft recht op een zorgregeling met zijn of haar ouders. Of een ouder wel of niet is belast met het gezamenlijk gezag doet daar niets aan af.
De moeder van het kind en de juridische vader hebben op grond van de wet recht op een zorgregeling met het kind.

Daarnaast heeft de persoon die in een nauwe persoonlijke betrekking tot het kind staat recht op een zorgregeling. Voorbeelden hiervan zijn de biologische vader van een kind (die niet de juridische vader is) de spermadonor, of de oma die jaren de verzorging van een kind dag in dag uit voor haar rekening heeft genomen.
Er dient in ieder geval te worden aangetoond dat er sprake is van “family life”: aan de hand van zeer concrete omstandigheden dient tussen het kind en de betreffende persoon family life te bestaan.

Ontzegging

Op grond van de wet kan aan de rechter eveneens worden verzocht om de zorgregeling tussen de ouder en een kind te ontzeggen. De rechter zal dit enkel doen in het geval dat:
– De zorgregeling ernstig nadeel zou opleveren voor de geestelijke of lichamelijke ontwikkeling van het kind;
– De ouder of degene die in een nauwe persoonlijke betrekking staat tot het kind kennelijk ongeschikt of kennelijk niet in staat moet worden geacht tot het uitvoeren van een zorgregeling;
– Het kind dat twaalf jaren of ouder is, bij zijn verhoor van ernstige bezwaren tegen een zorgregeling met zijn ouder of met degene met wie hij in een nauwe persoonlijke betrekking staat heeft doen blijken;
– Een zorgregeling anderszins in strijd is met zwaarwegende belangen van het kind.

Let wel, contact tussen een kind en beide ouders wordt het meest in het belang van een kind geacht. De rechter zal een verzoek tot ontzegging van het contact tussen een ouder en een kind dan ook zwaar toetsen.

Wijziging

Een overeengekomen of vastgestelde zorgregeling kan pas door een rechter worden gewijzigd indien er sprake is van een wijziging van omstandigheden. Het is uiteraard altijd mogelijk om in onderling overleg met de andere ouder tot een wijziging te komen.

Nakoming

In de praktijk zien wij vaker dat een zorgregeling die al dan niet door de rechter is vastgesteld niet wordt nagekomen. Maar hoe zorgt u er voor dat de vastgestelde regeling wordt geeffectueerd?

In een kort geding procedure (spoed procedure) kan aan de rechter worden verzocht om de andere ouder te veroordelen medewerking te verlenen aan de uitoefening van de zorgregeling op staffe van een dwangsom of als ultimum remedium op straffe van gijzeling. Ook kan via de rechter de Raad voor de Kinderbescherming worden ingeschakeld. De Raad kan in dat geval advies geven of de huidige regeling wel in het belang van de kinderen is. Ook kan de Raad beslissen om een kinderbeschermingsmaatregel te nemen.
Neem gratis en vrijblijvend contact met ons team op in het geval u een vraag heeft over het bovenstaande. Wij staan u graag te woord.